Een 40-jarige Amsterdamse had al 20 jaar last van een klinisch geconstateerde Colitis ulcerosa, waar ze ook medicijnen voor innam. De ontstekingen en zweren in haar darmen beletten haar in haar dagelijks leven sterk doordat ze opgezet, pijnlijk en krampend aanvoelden. Deze vrouw was vaak moe en had een beperkte energie.

Zij kwam mij bij in therapie en zorgvuldig biologisch testen bracht het volgende in het beeld. Er was duidelijk spraken van een actieve darmbacterie en twee soorten darmparasieten. Belastend waren vervolgens enkele schimmels en duidelijke voedingsintoleranties. Voorgaande vaccinaties bleken een bodem voor het ontstaan van de ziekte te vormen. Naar aanleiding van deze gegevens zijn wij gaan behandelen. De eerste behandelingen leken subjectief geen verbetering te geven, maar na enkele sessies doorzetten, voelde ze eerst licht, daarna duidelijke verbeteringen in de darmconditie ontstaan. Ik behandelde haar maandelijks. De geteste en ziekteactiverende voedingsstoffen (tarwe o.a.) kon ze gemakkelijk laten staan. Het ziektebeeld verbeterde zich duidelijk, al moet gezegd worden dat er tussendoor een duidelijke dip aanwezig is geweest (van psychische oorsprong).
Na 8 tot 10 behandelingen was ze klachtenvrij en kon ze in overleg haar medicijnen laten staan. Check-up leverde de bestendiging van de verbetering.