Afnemende tumoractiviteit en toenemende fitheid Jan S. is 53 jaar en komt uit Zeist. Hij kwam bij mij voor ondersteuning voor een snel metastaserende prostaatcarcinoom. Hij had al maanden problemen met plassen en was erg moe. Hij kreeg steeds meer pijn rondom de bil uitstralend naar het linkerbeen tot aan de voet, alsook drukpijn rondom de onderbuik en opgezette klieren in de liesstreek. In het ziekenhuis constateerde men een sterke groei van kankercellen in de prostaat en de klieren erom heen. Zijn PSA was 291. Hij kreeg van de internist een hormoonkuur, die nog niet bleek aan te slaan ('om de groei te vertragen').

Wij begonnen meteen met de bioresonantie-kankertherapie met biologische ondersteuning. Therapiesessies om de twee weken om te kijken of het aan zou slaan. Ik testte een actief virus met enkele parasieten in het aangedane gebied; een sterk toxische belasting van carcinogeen stoffen in de prostaat en lever; een sterke vermindering van hypofysewerking en een verzwakte immuniteit. De carcinogene activiteit testte schrikbarend hoog. Wij besloten tot directe biologische interventie. Na twee weken melde Jan dat hij sterk op de behandeling gereageerd had (hoofdpijn, moeheid), wat in principe een gunstig teken is voor het reactiveren van immuniteit (tegen kanker) en ontgifting. De behandeling werd doorgezet volgens het protocol. Weer twee weken later meldde Joop dat de pijn en zwellingen verdwenen in de lies, dat de uitstraalpijn minder werden en pijn in de bil langzamerhand verdween. De tumoractiviteit bleek te dalen en Joop ging zich fitter voelen.
Eind juni meldde Jan dat PSA gedaald was tot 0,2; hij kon weer lopen, voelde zich herboren en pijn leek voor 90 % verdwenen. Hij kon boven verwachting in die zomer toch op vakantie gaan.